Echte verandering. Harten die volledig aan Jezus zijn overgegeven. Levens die volledig hersteld zijn.

English Dutch

  • The people banner

LoveUnlimited

Deel 1: Van de duisternis naar het Licht

Hallo, mijn naam is Robin Prijs en ik ben de oprichter van Jaweh Ministries International en LoveUnlimited. Samen met mijn vrouw ben ik verantwoordelijk voor deze bediening. Het getuigenis dat ik hier deel is geen verhaal van roem en successen, maar meer een waslijst van mislukkingen. Ik voel me dus niet bepaald trots of comfortabel om dit te delen. Maar ik geloof dat het belangrijk is om niet alleen onze successen te delen, maar ook het falen. Sommigen zullen mij wellicht uitlachen of op me neerkijken wanneer ze dit getuigenis lezen. Maar dat kan me niets schelen. Het is mijn verlangen en gebed dat iemand dit zal lezen die op dit moment wellicht door soortgelijke situaties gaat. Ik bid dat het u zal bemoedigen en dat het uw ogen zal openen voor wat God echt wil in uw leven: echtheid. Ik heb dan wel geen grote naam, geen grote bediening en ik ben niet iemand waar men naar opziet. Maar ik ben echt. En nog belangrijker, mijn liefde voor Jezus Christus is echt. Dit is mijn getuigenis.

Er is een klein dorpje, in het zuiden van Nederland, dat Genderen heet. Dat is de plaats waar ik geboren ben. Niet in een rijke of bevoorrechte familie, maar in een arbeidersgezin. Ik zeg niet dat dat slecht is, het is gewoon wat het is. Mijn vader was een vrachtwagenchauffeur, mijn moeder was een kraamverzorgster, maar werd fulltime huismoeder toen ik geboren werd. En zo begon mijn leven, in het jaar 1979, in dat kleine dorpje waar iedereen elkaar kende. 

Tijdens het opgroeien was het leven niet makkelijk voor mij. Ik hield van mijn familie en ik hield van thuis zijn, maar op school ontdekte ik dat ik anders was dan anderen. Anders in mijn manier van denken en anders in de manier waarop ik mijzelf uitdrukte. Het maakte mij een eenling, iemand die in een groep was, maar die er nooit echt bij hoorde. Terugkijkend moet ik tot de conclusie komen dat ik in die jaren nooit echt vrienden heb gehad. Er waren momenten dat ik met andere kinderen speelde, maar het voelde altijd alsof ik het vijfde wiel was, alsof mijn aanwezigheid werd getolereerd, maar nooit echt geaccepteerd. Dus raakte ik eraan gewend om alleen te zijn en om mijzelf bezig te houden. Vanaf het allereerste begin was school een ramp voor mij. Ik werd al snel het slachtoffer van pesten en daar bovenop had ik ook problemen met leren. Verschillende onderzoeken toonden aan dat ik een bovengemiddeld niveau had, maar dat er problemen waren met mijn korte termijn geheugen en mijn concentratie, waarschijnlijk veroorzaakt door angsten. Vanuit ervaring kan ik zeggen dat dat geen geweldige combinatie is. 

Gelukkig waren mijn beide ouders Christen en namen zij mij iedere zondag mee naar de kerk. Ik hoorde over God, over Jezus en over de verhalen van de Bijbel. Thuis lazen mijn ouders ook aan ons voor uit de Bijbel en leerden zij ons over God. En ik weet dat zij ook allebei voor ons baden. Dus vanaf het begin werd het zaad van geloof al in mijn leven gezaaid. Ik hield enorm van al die verhalen en zei regelmatig tegen mijn ouders dat ik een zendeling wilde worden. Ik organiseerde zelfs kleine “gezinskerkdiensten”, waar ik dan preekte tegen ons gezin. Maar zo bleef het niet.

De problemen met leren werden altijd zo gedraaid alsof ik het was die niet wilde leren. Maar het tegenovergestelde was waar. Ik hield van leren en van het verkennen van kennis. Toch kwam de schuld altijd weer bij mij te liggen en ik herinner me nog zeer goed hoe ik dat niet kon begrijpen. Het pesten werd erger, en daarmee ook de eenzaamheid. In die tijd had ik nog niet zoveel inzicht in hoe je de ware intenties van mensen kunt onderscheiden. Maar kinderen zijn erg eerlijk en zij leren je dat snel genoeg. Ik herinner me nog precies waar het keerpunt was. Op een dag was ik uitgenodigd voor een verjaardagsfeestje, wat af en toe wel eens gebeurde. Terwijl ik daar was leek alles gezellig en sociaal. Maar toen hoorde ik een gesprek tussen de jarige en een klasgenootje van mij. Ik hoorde de vraag “Wat doet hij hier?”, terwijl hij naar mij wees. Het antwoord zal ik nooit vergeten. “O hij…”, zei de jarige. “Ik moest hem uitnodigen van mijn moeder. Laat hem maar.” Ik stond als aan de grond genageld. Iedereen had plezier, maar plotseling kon ik de ware intenties zien. Terwijl het feestje doorging, sloop ik naar buiten, pakte mijn fietsje en fietste naar huis. Toen ik thuis kwam keek mijn moeder verbaasd en vroeg of het feest al voorbij was. Ik vertelde haar dat het inderdaad voorbij was. Ik herinner me niet veel meer van andere verjaardagsfeestjes daarna, maar ik weet wel dat ik er nooit echt graag meer naartoe ging. 

Aangezien ik niet tot de populaire kinderen behoorde en geen vrienden had, begon ik mijn uitvlucht te zoeken in het lezen van boeken. Tegen die tijd waren we verhuisd naar Wijk en Aalburg, een dorp in de buurt. Dat dorp had geen bibliotheek, maar wel een bibliotheek bus die wekelijks in het centrum van het dorp stond. En iedere week was ik daar te vinden. Jarenlang las ik zo’n vier tot vijf boeken per week, in mijn slaapkamer, in de bus naar school en overal waar ik er de gelegenheid voor had. Maar langzaam begon mijn interesse te verschuiven naar de boeken over het bovennatuurlijke. Het begon met ogenschijnlijk onschuldige boeken, naar occulte en horror boeken, tot op het punt waar dat nog het enige was wat ik las. Ik begon een interesse te ontwikkelen in alles wat betrekking had op het occulte, wat uiteindelijk resulteerde in het ontwikkelen voor een interesse voor het satanisme. 

Toen ik vijftien jaar oud was, vroeg iemand van de kerk mij of ik het leuk vond om een radio-uitzending bij te wonen. Natuurlijk wilde ik dat. Zij deden een wekelijks Christelijke radioprogramma. Tijdens de uitzending duwden zij plotseling de microfoon onder mijn neus en vroegen me om het volgende nummer aan te kondigen. Dat was zo gaaf. Later werd ik gevraagd om mee te blijven doen met het programma, en dat deed ik ook. Dat ging ongeveer twee jaar zo door, totdat ik om mijn eigen radioprogramma vroeg bij het radiostation. De manager van het radiostation ging akkoord en vanaf dat moment had ik mijn eigen radioprogramma, met niet Christelijke muziek, wat ik jarenlang ben blijven doen. Het was zo geweldig gevoel om eindelijk iets gevonden te hebben waar ik echt goed in was. Om iets te hebben waar niet steeds iedereen kritiek op had. Het was een gevoel van erbij horen, iets wat ik nooit eerder had ervaren. 

Ondertussen bleef mijn geestelijk leven achteruit gaan. Ik werd zeer goed met woorden en wist precies hoe ik die moest gebruiken. Om mensen het zwijgen op te leggen. Om mensen te kwetsen die mij hadden gekwetst. Om mensen onzeker te maken in mijn aanwezigheid. Van buiten leek ik een zelfverzekerde jongen. Als iemand die precies wist wat hij deed en waarom hij het deed. En op een bepaalde manier wist ik ook inderdaad wat ik wilde. Ik wilde bij de top horen. En ik was bereid om dat te bereiken ten koste van anderen. Er was bitterheid en haat in mij, die ervoor zorgde dat ik niet veel om anderen gaf. Er was tenslotte ook niemand die echt om mij gaf. Dus waarom zou ik dat wel doen. Ik liet deze gevoelens, en alles wat er in mijn hart leefde, nooit aan de buitenkant zien. Ik had een muur om mijn hart heen gebouwd. Niemand zou mij ooit nog kwetsen, niet voordat ik hen eerst had geraakt. Er was een lach op mijn gezicht, maar als het mij uitkwam, dan stak ik een dolk in iemand rug, bij wijze van spreken. Het tonen van emoties, het tonen van gevoelens, dat was zwakheid. En ik kon mij geen zwakheid meer veroorloven in mijn leven. 

Toen ik zeventien jaar was kwam ik op een nieuw dieptepunt. Tegen die tijd ging ik al niet meer naar de kerk en verzette ik me op de meest heftige manier tegen alles wat met het Christendom te maken had. Het was op die leeftijd dat ik ook van school werd gestuurd. Ze hadden mijn ouders verteld dat ik niet wilde leren en dat ik het niet hard genoeg probeerde. Dus moest ik een baan gaan zoeken, zonder diploma’s of certificaten te hebben. Ik had gefaald. Niemand kon mij helpen. Dus dit was mijn leven. Een ellendig en zinloos leven. Op een avond, toen ik alleen in mijn slaapkamer was, besloot ik om iets anders te doen. Na alle boeken die ik had gelezen, was ik begonnen te geloven in het occulte. Die avond nam ik een standpunt in en gaf ik mijn leven aan satan. Vanaf dat moment werd mijn leven van kwaad tot erger. Een levensstijl van seksuele losbandigheid begon, wat uiteindelijk zou leiden tot een ongelofelijk sterke verslaving aan seks. Ik heb het niet over tientallen keren, maar over vele malen meer dan dat. Gaf het mij enige bevrediging? Helemaal niet zelfs. Ik voelde me leeg en eenzaam en niets van wat ik deed was in staat om die leegte te vullen. In de twee jaar na mijn beslissing om satan te volgen werd ik erg depressief en bitter. Ik verloor letterlijk de wil om te leven. Totdat de avond kwam dat ik besloot dat het genoeg was. 

Het was een donkere avond in 1999 toen ik weer in mijn slaapkamer zat, helemaal alleen, terwijl ik mijn leven overpeinsde. Ik concludeerde dat mijn leven waardeloos was, dat mijn toekomst verre van goed was, dat alles wat ik ondernam in falen eindigde en dat ik mijn leven net zo goed kon beëindigen. Dus ik besloot om zelfmoord te gaan plegen. Mijn plan was om van een dichtbij zijnde brug af te gaan springen. Maar iets in mijn schreeuwde om gehoord te worden. In die tijd was ik één van de eersten die al een internetverbinding had en in die tijd waren chatrooms een ware hype. Ik wilde echt zelfmoord plegen, maar tegelijk verlangde ik naar een alternatief. Maar die was er niet. Niet zover ik kon zien. Toen zag ik een Christelijke chatroom. Ik verwachtte helemaal niets van Christenen, laat staan een oplossing. Ik had reeds genoeg van het Christendom gezien om te weten dat het één grote hypocriete bende was. Maar ik dacht te weten hoe zij over zelfmoord dachten en ik verwachtte dat ze dat zouden veroordelen. Dus in een poging om de leden van die chatroom te verstoren en te shockeren, ging ik die chatroom binnen en vertelde ik wat ik van plan was te gaan doen. Uiteindelijk was ik degene die geshockeerd was, want zij reageerden totaal anders dan ik verwacht had. Maar het werd pas echt eng toen een vrouw mij vroeg om haar te bellen, zodat ze over de telefoon met mij kon bidden. Yeah right… Ik weet nog dat ik dacht dat ze allemaal hun verstand waren verloren. Hadden ze niets beters te doen? Zoals mij veroordelen of iets dergelijks? Maar nee. In plaats daarvan begonnen deze mensen in die chatroom voor mij te bidden en bleef die vrouw maar vragen of ik haar wilde bellen. 

De vrouw in die chatroom zei me dat ik niets hoefde te zeggen en dat ik gewoon mocht luisteren. Dus ik dacht, ok, ik heb toch niets meer te verliezen. Ik belde die vrouw en zij bad voor me. Iedere gedachte aan zelfmoord was terstond verdwenen. Ik herinner me nog dat ik dat zeer opmerkelijk vond. Maar ik was nog geen Christen. Ik was nog niet bereid om die keuze te maken. Toen nodigde die vrouw mij uit om bij haar thuis te komen en accepteerde ik die uitnodiging. Op een bepaald moment zaten we aan de eettafel en confronteerde ze mij met een keuze. Ze vertelde mij dat ik geen twee meesters kon dienen en dat ik een keuze zou moeten maken om of Jezus of satan te dienen. In mijn gedachten overwoog ik die beslissing in hoog tempo en kwam al snel tot de conclusie dat niets van wat satan mij had geboden mij ooit gelukkig had gemaakt. Mijn leven was ellendig en daar was ik me zeer van bewust. En die gebeden hadden echt iets veranderd. Dus op dat moment kwam ik eindelijk op het punt waar ik mijn leven overgaf aan Jezus Christus en waar Hij de Heer van mijn leven werd. Een nieuw leven begon.

Ga verder met deel 2: Hoe God Zichzelf aan mij openbaarde